Picture
FruITion van Chris Potts is een business roman naar het voorbeeld van Het Doel van Eliyahu Goldratt.
Net als Het Doel is het een boek met een boodschap. In dit geval: IT heeft van zichzelf geen waarde. Het is een investering, die tot bloei moet komen binnen het geheel van de bedrijfsinvesteringen.

De consequentie van deze gedachte is dat de positie van een zelfstandige CIO onhoudbaar wordt. CIO's blijven gevangen in de IT-versus-business dichotomie. Een corporate investeringsmanager, oftewel een CIIO - met extra letter i dus - een Chief Internal Investment Officer, ontsnapt aan deze verscheurdheid. Die staat van meet af aan stevig aan de zijde van de business.
Je kunt je afvragen of intern investeringsmanagement niet tot het natuurlijke domein van de CFO behoort of zelfs van de CEO, want in dat geval gaat Potts redenering niet op en zou ook de CIIO uiteindelijk verdampen. Maar dit terzijde.

Waarde voor wie?
FruITion is een prettig leesbaar boek over een erg ingewikkeld onderwerp, namelijk de werkelijke opbrengst van IT-investeringen. De lezer volgt de hoofdpersoon, Ian Taylor, die in het ultrakorte tijdsbestek van acht dagen een nieuwe IT-strategie voor zijn onderneming moet uitwerken. Al doende komt hij tot de conclusie dat een afzonderlijke IT-strategie geen zin heeft. Sterker nog: dat die tot onnodig hoge kosten leidt.

Uitgangspunt van de nieuwe strategie, die Ian vervolgens uitwerkt, is een soort belofte: “Wij zullen van al onze investeringen waar IT bij is betrokken de waarde maximaliseren die we creëren voor klanten en beleggers.” (pagina 160) Hier wordt een essentiële keuze gemaakt voor klanten en beleggers. Waarom niet ook waarde maximaliseren voor medewerkers en milieu?

En, misschien nog wel belangrijker, wat wordt hier eigenlijk onder waarde verstaan?
Waarde wordt door Chris Potts gedefinieerd als 'een portfolio van maatstaven'. Dat is een subjectieve formulering, want maatstaven behoren tot de wereld van de geest. Op een andere plek noteert Ian Taylor / Chris Potts: “Waarde is wat onze corporate strategieën en bedrijfsplannen zeggen dat het is.” Ook dit is heel erg vaag en subjectief: waarde is wat je eronder verstaat. En zoiets vaags moet je dan gaan maximaliseren. Ga er maar aan staan. Bezien vanuit de theoretische economie loopt de redenering van Potts hier op de klippen, denk ik. In elk geval ben ik als lezer niet overtuigd.

Harde ondertoon
Tussen de regels door lees ik in FruITion dat onder waarde in de praktijk helemaal niks vaags wordt verstaan, maar vooral aandeelhouderswaarde. Uitgedrukt in keiharde cash. En wat dat betreft lijkt het devies: alle remmen los. Het onderste uit de kan. Maximaal uitpersen die citroen.

Daar passen geen innovatieve projecten in met onzekere opbrengsten of toekomstige opbrengsten, die nu nog niet gekwamtificeerd kunnen worden. En sociaal gemotiveerde projecten, die tot doel hebben mens en milieu te dienen. al helemaal niet.

Deze harde Angelsaksische ondertoon is de mijne niet, maar dat neemt niet weg dat dit een boeiend boek is dat bij elke CIO en IT-manager op het nachtkastje hoort. Hun baan staat immers op het spel.
Alleen die titel, die slaat nergens op. Vaarwel CIO! was een betere geweest.

FruITion, Nederlandse vertaling, 189 pags, Uitgeverij Tiem november 2009
ISBN / EAN 978-90-79272-08-2
Prijs: € 19,95
 
 
De traditionele massamedia storten in en het wordt even een rommeltje, maar er komt gegarandeerd iets veel beters voor in de plaats. Dat betoogt Dan Gillmor – auteur van het boek We the media (2006) – in zijn nieuwe boek over dit onderwerp dat eerst in conceptvorm op het internet wordt gepubliceerd en daarna pas in druk verschijnt.

Het eerste hoofdstuk is vandaag op zijn blog Mediactive gepost.

Citaat: “Tomorrow’s media will be more diverse, by far, than today’s. We can imagine, therefore, a journalism ecosystem — a vital part of our expanded mediasphere — that is vastly healthier and more useful than the monoculture media of recent times.”

Als je dit onderwerp interessant vindt, volg Gillmor dan op zijn website of op Twitter, dan krijg je vanzelf een seintje als er nieuwe hoofdstukken verschijnen.
 
 

"Een paar jaar van krimp is niet zo heel erg," stelde voormalig staatssecretaris van financiën Willem Vermeend tijdens zijn keynote speeech op het VNSG-congres in Maastricht op vrijdag 17 april. “We blijven toch wel het rijkste land van de wereld. We moeten alleen oppassen dat deze situatie niet al te lang gaat duren, want dan loopt de werkloosheid te hoog op en lopen we het risico op een veel langduriger recessie.”

Vermeend schetste drie scenario's voor de komende jaren:
1) Het optimistische scenario van Obama en zijn team, die verwachten dat de Amerikaanse economie in de tweede helft van 2010 weer zal gaan groeien. Vermeend denkt dat dit de Amerikanen nog gaat lukken ook, omdat ze flexibeler kunnen reageren op schokken, maar ons zal dat niet lukken, voorspelt hij.
2) Het scenario van de OESO, dat herstel voorziet in de loop van 2011. Voorwaarde daarvoor is dat regeringen voldoende stimuleringsmaatregelen nemen. Nederland moet dat, aldus Vermeend, vooral doen door het overheidstekort te laten oplopen. Investeringen in grote infrastructurele projecten kunnen in andere landen nuttig zijn, maar niet hier, vindt hij, omdat de aanloopprocedures hier veel te lang duren.
3) Het pessimistische scenario van een lang slepende crisis, zoals in de jaren '90 in Japan. Dat ziet Vermeend als een groot gevaar als er onvoldoende of te laat wordt gestimuleerd.

Creativiteit
Hij zei verder dat er na deze crisis geen terugkeer zal zijn naar de oude situatie. Niet alleen zal de controle op de financiële wereld danig worden verscherpt, maar ook het klimaat in ondernemingen zal drastisch veranderen. Volgens Vermeend zullen teamwerk en creativiteit belangrijker worden en zal er minder sprake zijn van hiërarchie. Er komt ook een kleinere, efficiënte overheid en Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen gaat echt doorbreken.

Echec
Vermeend houdt dit soort presentaties, omdat hij een boek heeft geschreven over de kredietcrisis.
Wat hij te zeggen heeft snijdt wel hout, denk ik.
Maar Vermeend draagt als staatssecretaris van Financiën (1994-2000) en minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (2000-2002) toch op zijn minst wel enige verantwoordelijkheid voor het echec, waarover hij nu met zoveel verve speecht.
Dat feit bezorgde me een raar gevoel dat nog lang na de spreekbeurt bleef hangen.

 
 

Huizencrisis, bankencrisis en een olie- en dollarcrisis in aantocht.
Wat hangt ons allemaal boven het hoofd?
Je moet niet pessimistisch doen, hoor ik overal om mij heen bezweren, want dan roep je het noodlot over jezelf af. Nee, positief blijven en dan zal het allemaal wel meevallen.
Maar het klopt niet met mijn gevoel. Mijn gevoel zegt dat het niet mee zal vallen.

Recessies bieden juist kansen, hoor ik ook overal om mij heen. “Neem toch vooral onze software, want daarmee kun je flink op je kosten besparen...”
“In deze tijden van economische teruggang is het vooral belangrijk om......”
Enzovoort. Het ene na het andere persbericht slaat ineens dit ergerlijke toontje aan. (Problem? No problem, let it work for you!)

Het is mij te makkelijk geredeneerd en te snel geconcludeerd. En te baatzuchtig.
What is going on?
Dat moet je toch wel bij benadering weten om je koers te kunnen bepalen.

Ik heb Willem Middelkoops boek Als de dollar valt gelezen, de afgelopen maand, en daaruit wordt de ware aard van de huidige crisis me niet echt duidelijk. Het is een bijzonder goed gedocumenteerd en leerzaam boek, daar niet van, maar het zegt weinig over wat we kunnen doen. Afgezien dan van een enkele tip voor vermogende lezers. Die kunnen maar beter hun tegoeden verzilveren, zo luidt zijn advies. Maar wat koopt een gewoon mens daarvoor?

Gisteravond las ik een stevig stukje van de Amerikaanse blogster Susan Scrupski – onder de titel Reality Check 2.0 -  dat over dit doe-probleem gaat. Scrupski is al een jaar of twee actief als web 2.0 Evangelist, maar twijfelt nu openlijk aan haar geloof.   
Al die nieuwe Enterprise 2.0 toepassingen, vraagt ze zich af, gaan die ons echt wel helpen in deze crisis? Helpt Twitter daartegen? Facebook soms? 
Geloof ook maar niet, schampert ze, dat web 2.0-startups - net als de grote banken - door de overheid gered zullen gaan worden. Mooi niet.
Wat moeten deze start-ups nu doen om overeind te blijven?
En wat kunnen zij ondernemen om hun klanten door deze crisis heen te helpen?

Goeie vragen, vind ik.
Nou de goeie antwoorden nog.   

 
 

Upgrade Your Life van Gina Trapani is een mooi boek boordevol tips over slimmer gebruik van computers, software en internet (ook wel persoonlijke productiviteit genoemd of lekker trendy: lifehacking).

De Nederlandse vertaling is een pil van 482 pagina's, 11 hoofdstukken en 116 tips. Het is sinds een week gratis als pdf te downloaden vanaf het groepsblog Lifehacking.nl. En het ligt ook in de boekhandel voor € 19,95.

Je kunt er heel wat nieuwe ideeën in opdoen en het daarna als naslagwerk gebruiken. Dus voor als er iets is met -zeg – foto's netjes in een archief bewaren of overschakelen op het werken met twee beeldschermen.

Upgrade?
Wat ik me wel een beetje afvraag is of de hyperefficiëntie, die het resultaat is als je flink wat van de tips in praktijk brengt, het leven nou echt zoveel rijker maakt. Er wordt ons immers een Upgrade van ons bestaan (Life, niet Work) in het vooruitzicht gesteld. Ik geloof niet zo in die Upgrade.

Je kunt dankzij Gina's tips (veel) meer dingen doen in (veel) minder tijd. That's all. Dan zijn er twee mogelijkheden: of je houdt tijd over -  en da's mooi want daar kun je dan iets anders mee gaan doen (in die zin is het een voorwaarde voor een 'upgrade'). Of je baas ziet zijn kans schoon en je krijgt extra werk op je bordje. En dat kun je toch geen Upgrade van je bestaan noemen. Wel een Upgrade van Work.

Kortom, die Hogere Fase, die dit handige gehack ons moet brengen, die zie ik niet zo. Voor mij blijft het allemaal zoiets als typen met drie of met tien vingers. 100 of 250 aanslagen per minuut. Nuttig. Niet echt verheffend.