In het vorige stukje schreef ik dat veel van wat er de laatste tijd gepubliceerd wordt over The Real-Time Web aan de kern voorbijgaat. En ik legde uit dat deze kern zoiets moet zijn als Sociale Augmented Reality.

Vlak nadat ik dit stukje geplaatst had, viel mijn oog op een verhaal van internet-ondernemer Edo Segal op Techcrunch, dat wèl middenin de roos schiet: Beyond Realtime Search: The Dawning Of Ambient Streams.

Segal schetst daarin een (nabije) toekomst, waarin we niet meer op zoek gaan naar informatie, maar waarin informatie op zoek gaat naar ons. Op basis van wat we in het verleden gedaan hebben, op welke locaties we ons bevonden hebben, wat onze belangstelling heeft, enzovoort.

Bouwstenen
Segal zegt dat er vier bouwstenen zijn voor de vorming van zijn Ambient Streams:
1. Het Real-Time Web (Twitter e.d.)
2. Alle informatie, die online is gepubliceerd (sites, blogs, Wikipedia, e.d.)
3. Geolocatie van data (in verleden en heden)
4. Sociale communicatie (e-mail, instant messaging, sms, e.d.)

Alle vier zijn massieve informatiestromen, zegt Segal, en de kunst is nu om daar filters voor te ontwikkelen, die zorgen dat je op het juiste moment de juiste informatie krijgt aangedragen. Als dat lukt is er sprake van de vorming van een technologisch zesde zintuig, stelt Segal.

Volgens hem zijn er nu al bedrijven bezig dit soort filters te ontwikkelen, maar deze zoektocht zal met veel vallen en opstaan gepaard gaan, voorspelt hij.

IntelliWeb
Surfen is uit de tijd. Het nieuwe web gaat ons insluiten en gevraagd en ongevraagd dienen. Met een macht aan kennis en aan informatie over onze behoeften. Twitter is een soort echo van wat er wat dit betreft komen gaat.

Ik vind Ambient Streams daar geen goede omschrijving voor. Te technisch, te instrumenteel, teveel buiten de persoon. Het nieuwe web is heel erg persoonlijk, want het gaat ons heel erg veel slimmer maken. Dus als het gaat om een opvolger van het Web 2.0 moeten we naar mijn idee denken in de richting van het IntelliWeb.
 
 
Picture

Natuurlijk kan dat. Althans, het massale gebruik van een nieuw type apparaat. Dat gold voor het wiel, voor de ploeg, voor de stoommachine en de verbrandingsmotor. En dat geldt nu ook voor de mobiele computer.

De afgelopen dagen heb ik me met een gevoel van toenemende fascinatie vertrouwd gemaakt met mijn nieuwe iPhone. Het gevoel doet denken aan dat van eeuwen geleden, toen mijn allereerste internetverbinding tot stand kwam in een hels kabaal van modempieptonen. Yes! "Hallo wereld!"
Alleen is het nu andersom. "Hallo Fred!" Ik haal nu draadloos de hele wereld naar me toe, zittend op het terras in mijn tuin: nieuws, twitter, blogs, muziekvideo's, radiostreams, applicaties, zoals Buienradar, Trein (reizigersinformatie van de NS) en Funambol (voor de synchronisatie van contactpersonen), naast applicaties, waarmee je met je iPhone composities kunt maken. En er is nog zoveel meer....

Handige interface
De iPhone is geen smartphone en geen pda. Het is een mobiele internetcomputer. Met een schermpje dat eindelijk groot en handig genoeg is om als interface te dienen voor het web. Ik heb daar eerder al verschillende postings over geschreven en mijn enthousiasme over dit nieuwe type mobiele apparaat neemt alleen maar toe.

Mobiele supercomputers
En dit is nog maar het begin. 
Afgelopen week was ik op een innovatiedag van Logica in Amstelveen en daar sprak Howard Rheingold, auteur van het boek Smart Mobs. Hij heeft een analyse gemaakt van de invloed van mobiele telefoons tijdens crisisituaties in verschillende landen en hij komt tot de conclusie dat grote massa's er directe invloed mee kunnen uitoefenen op het politieke proces. De mobi dus als een middel voor democratisch empowerment. Rheingold spreekt in dit verband zelfs over the next social revolution.
En over vijf, tien, of twintig jaar, aldus Rheingold, is de smartphone geëvolueerd tot een mobiele supercomputer, die duizendmaal meer kan dan wat ons nu al zo fascineert. Iedereen heeft dan zo'n supercomputer op zak. De veranderingen, die daardoor veroorzaakt zullen worden, zullen immens zijn.

Twitter-stream over en tijdens het Logica Transform09 evenement:
Video-impressie van het evenement.

 
 

Ooit van Sirikata gehoord?
Ik ook niet.
Tot eergisteren.
Sirikata is een open source platform voor de bouw van virtuele werelden. De software is ontwikkeld aan de Universiteit van Stanford en de eerste release wordt zeer binnenkort verwacht.
Daarna kan iedereen, die dat wil, op dit platform mee gaan bouwen.


Ik vond de aankondiging en de teaser van Sirikata op een blog over zakelijke toepassingen van virtuele werelden en deze blogger, Caleb Booker, had het nieuws weer van een collega: Grace McDunnough. Beide bloggers laten duidelijk zien dat we aan de vooravond staan van intensief zakelijk gebruik van virtuele werelden.

Sametime
Twee goede voorbeelden daarvan vond ik verder op YouTube. Ze laten zien dat er ook in de Innovation Labs van IBM hard wordt gewerkt aan de ontwikkeling van virtuele werelden voor allerlei vormen van online samenwerking en kennisoverdracht.
Het platform dat hier gebruikt is heet OpenSim.

Zie ook een eerder stukje dat ik over dit onderwerp schreef.

 
 

Studenten van het Media Lab van het Massachusetts Institute of Technology (MIT) hebben een draagbaar apparaatje ontwikkeld, waarmee je overal waar je bent internetpagina's op objecten in je omgeving kunt projecteren.

Op die manier kun je extra informatie over die objecten opvragen (door middel van barcodes of andere 'triggers'), die dan leesbaar wordt op de objecten. Heel handig voor in winkels. Maar je kunt er nog van alles meer mee doen, zoals presentaties geven, studeren, sales piches geven, foto's bekijken, noem maar op. 

Het prototype, dat nu gebouwd is, bestaat uit een mobiele telefoon, die de internetverbinding maakt, een kleine draagbare projector en een spiegel die het beeld projecteert. Totale materiaalkosten: nog geen 350 dollar.
 
Het experiment maakt onderdeel uit van een onderzoeksprogramma van het MIT dat als doel heeft om internet op een natuurlijke en handige manier als een soort 'zesde zintuig' toe te voegen aan de menselijke soort.

Het uitgangspunt van het MIT daarbij is dat wij mensen over vijf zintuigen beschikken, maar dat is inmiddels wel achterhaald. Volgens futuroloog Paul Ostendorf hebben we er acht. Behalve de bekende vijf  - zien, horen, voelen, ruiken en proeven - hebben we ons evenwichtsorgaan, ons vermogen tot proprioceptie en tenslotte een klein orgaan in onze neus dat feromonen kan waarnemen. Dat brengt het totaal van de bekende zintuigen op acht. Het projecteerbare web zou dus het negende zintuig worden.

Zie ook dit stukje dat bijna vier jaar geleden op Studio ICT is gepubliceerd.

Hoe het allemaal werkt is goed in beeld gebracht met de onderstaande video's.

 
 

Eén van de hoogtepunten van Lotusphere 2009 vond ik het bezoek met de internationale pers aan het Innovation Lab op 20 januari. Dit Lab was een zaal met 21 stands, bevolkt door jonge mensen, die met verve hun project presenteerden. Allemaal zaken, die nog in ontwikkeling zijn en waarvan nog niet duidelijk is of ze in bestaande of nieuwe producten zullen worden opgenomen.

Fotograferen mocht niet, wat wel begrijpelijk is bij zo'n kijkje in de R&D-keuken. En als het wel had gemogen zou het nog een hele opgave zijn geweest. Hoe fotografeer je enthousiasme en de spanning of je project het gaat halen of niet? Dat had alleen met video gekund.

Ik pik er vier projecten uit, die indruk op me hebben gemaakt.

Mobile Augmented Reality for Retail
Je bent in een winkel, ziet een product dat je wel wat lijkt, scant een speciale barcode met je smartphone en vervolgens verschijnen er avatars op het beeldscherm van je mobieltje, die je  gesproken informatie geven over dit product. Dat kan natuurlijk een sales pitch zijn. Maar wat ik vooral heel interessant vond was de mogelijkheid van een koppeling met Amazon.com, waardoor je de commentaren hoort van consumenten, die daar producten hebben beoordeeld. Die verschijnen dan in de vorm van een groep van sprekende avatars. Ook live chat met een avatar, waarachter een mens van vlees en bloed schuilgaat, is mogelijk.
Embodied knowledge wordt deze toepassing genoemd in een folder van het project. Belichaamde kennis. Wel een goede term, behalve dan dat het hier om virtuele lichamen gaat....

InSight: micro-tagging
Passages terugvinden in videomateriaal kan zeer tijdrovend zijn. InSight is een applicatie om tags aan te brengen bij bepaalde passages of bij segmenten binnen een passage, waardoor die zeer snel kunnen worden teruggevonden. De tags kunnen verbeterd worden door gebruikers, waardoor het idee van een soort video-wikipedia ontstaat. Grote hoeveelheden videomateriaal zouden door 'the crowd' van tags kunnen worden voorzien. De ondertitel van dit project luidt dan ook Wisdom of the Crowds Meets Micro-tags.

Olympus: Avatars for the Web
Op het beeldscherm zag het er nog een beetje knullig uit, maar het idee is goed: voeg redelijk grote en grafisch mooie avatars toe aan virtuele omgevingen, zoals sociale netwerken en online vergaderingen, zodat je veel beter dan met emoticons uitdrukking kunt geven aan hoe je je voelt. Zo'n avatar kan met enige regelmaat op zijn horloge kijken, aldus aangevend dat de meeting wat langdradig begint te worden. Ook met de positie van avatars op het scherm kan worden gespeeld. Voorstanders van een bepaalde beslissing verzamelen zich links en tegenstanders rechts, wie het nog niet weet in het midden. Tijdens de bespreking zie je dan wie van standpunt en dus van positie verandert. 

Workboards
Workboards zijn collectieve ruimten, waarbinnen samengewerkt kan worden aan documenten, die aan een bepaalde workflow onderhevig zijn. In die ruimte kunnen niet alleen die documenten, maar ook allerlei andere notities, opmerkingen en verwijzingen op een grafisch aantrekkelijke manier worden gerangschikt. Zo ontstaat er een soort 'mindmap voor een workload'.   

Natuurlijker methoden
Een dag later sprak ik met Irene Greif, hoofd van de Collaborative User Experience Group. Ze vertelde me dat veel van de R&D-projecten van IBM's software divisie te maken hebben met kennismanagement. “Maar dan niet met kennismanagement oude stijl, waarbij tamelijk geforceerd werd geprobeerd om kennis vast te leggen in afzonderlijke systemen. Die vorm van kennismanagement is zo goed als dood.”
Door de opkomst van het internet zijn er nieuwe methoden ontwikkeld, die veel natuurlijker zijn, constateert Greif. “In sociale netwerken bijvoorbeeld kan veel kennis worden vastgelegd. Vaak is maar 10 procent van de gebruikers daarbinnen echt actief, maar zij creëren wel veel waarde voor hun organisaties, want de informatie die zij vastleggen wordt door 80 procent van de medewerkers gebruikt.”
Ze noemt drie kerngebieden waar haar research zich nu op toespitst: multimedia, mobiele toepassingen en virtuele werelden. “Op die terreinen gebeurt ontzettend veel. We zijn alleen nog op zoek naar de juiste applicaties.”

Meer informatie: www.research.ibm.com

 
 

Gezien op Convergence 2008 in Kopenhagen: een aanraakscherm, waarmee een distributiecentrum wordt bestuurd. Als je een locatie aantipt opent er een schermpje met informatie over wat er op die plaats aan voorraad staat. Je kunt producten verslepen naar andere locaties en ook naar de expeditieruimte.
Aan de kleur van de vakjes is te zien wat de omloopsnelheid van de producten is: blauw voor laag en oranjerood voor hoog. Daarmee voorkom je dat er spullen op de verkeerde plek neerzet worden.

Surface computing
Windows Surface heet de software, die deze nieuwe vorm van besturing mogelijk maakt.  Er waren ook toepassingen van dit surface computing voor de consumentenmarkt te zien, zoals fotoboeken, waarbij je de beelden vrij over het scherm kunt laten bewegen. Door je vingers naar elkaar toe of van elkaar af te bewegen kun je de foto's snel verkleinen en vergroten (zie de video's onder deze tekst).

Verbijstering
Navigatie door middel van de bewegingen van handen en vingers is op zichzelf niet nieuw. Begin vorig jaar al verbijsterde Jeff Han zijn publiek met een demonstratie van zijn perceptive pixels. En begin dit jaar lichtte Microsoft al een tipje van de sluier van Windows Surface op tijdens de CES 2008 in Las Vegas.
Wel compleet nieuw is de logistieke toepassing van deze techniek.

Het is de bedoeling dat de logistieke multi touch interface, die in Kopenhagen werd getoond, als add-on beschikbaar komt voor Microsoft Dynamics AX en NAV. Dat zou al in de loop van 2009 het geval kunnen zijn, aldus een woordvoerder.

Als je de foto's hieronder aanklikt worden ze vergroot.

Twee video's
Hieronder twee video's over surface computing.
De eerste is een korte promo-video van nog geen anderhalve minuut.
De tweede een bijna tien minuten durende, waarin de mogelijkheid van interactie met digitale apparaten uitgebreid wordt toegelicht.