De afgelopen week heb ik twee sprekers onafhankelijk van elkaar heel boeiende dingen horen zeggen over arbeidsproductiviteit. De eerste is de Amerikaanse IT-consultant en schrijver Dion Hinchcliffe. Hij sprak tijdens het Enterprise Web 2.0-seminar op 9 december in de Kuip in Rotterdam.

De tweede is Leonard Waverman, professor in de economie aan de London Business School. Hij is te zien op een videoregistratie van de inleiding, die hij op 3 december hield tijdens Nokia World in Barcelona. Ik weet het, ik raak maar niet uitgepraat over dit evenement - het is op het vervelende af - maar dat komt, omdat deze conferentie zo ongebruikelijk veel interessants te bieden had. Ik heb nu alle video's op de site van dit event op één na gezien en ze zijn stuk voor stuk de moeite waard.
Maar dit terzijde. Terug naar spreker 1

De 20-40-40-regel
Om de economische potentie van web 2.0-toepassingen te illustreren haalde Dion Hinchcliffe een onderzoeksrapport van McKinsey aan, waarin de totale (historische) groei van de arbeidsproductiviteit voor het gemak in drie stukken wordt gehakt: 20 procent zou betrekking hebben op het efficiënter fabriceren van dingen (zoals dat vooral zijn beslag kreeg tijdens de industriële revolutie). Twee keer zoveel, namelijk 40 procent, zou te maken hebben met het automatiseren van routinematige, vooral administratieve handelingen (lees: de IT-revolutie, waar we nu nog middenin zitten). En dan is er nog zo'n fors brok van 40 procent en dat heeft betrekking op 'complexe interacties'. Op zaken, die niet makkelijk of helemaal niet te automatiseren zijn. Dit is het gebied van de creativiteit en de kenniswerkers en van blogs, wiki's, fora, instant messaging, teamsites en widgets, aldus Hinchcliffe. Alles, kortom wat we web 2.0 zijn gaan noemen.
Als dit model juist is dan zouden we in de geïndustrialiseerde wereld dus nog een enorme productiviteitswinst kunnen boeken. We zouden ons nu dan ergens rond de 50 tot 60 procent van ons (huidige) optimum bewegen. En dat is volkomen anders dan hoe daar door onze politici en beleidsmakers over wordt gedacht. Die denken in termen van procentpuntjes. Niet  in grote sprongen voorwaarts. 
Goed, nu naar spreker 2 - en dan wordt het echt spannend - want die bevestigt dit beeld.

Connectivity Scorecard
Leonard Waverman en zijn medewerkers hebben in opdracht van Nokia Siemens Networks een compleet nieuw model ontwikkeld om de productiviteit van landen te bepalen, Connectivity Scorecard genaamd. Zij zijn aan dit avontuur begonnen, omdat ze vinden dat de modellen, die vaak een grote rol spelen in de pers en in het publieke debat, zoals de E-Readiness Rankings van de Economist Intelligence Unit en de breedband index van de OECD, tekortschieten.
Deze modellen kijken teveel naar de communicatie-infrastructuur op zich, vinden ze, en te weinig naar wat zich binnen die infrastructuur afspeelt. Teveel naar het instrument en te weinig naar het gebruik. Teveel naar de snelweg en onvoldoende naar de kwaliteit van het verkeer. Vooral de praktische toepassing van business applicaties moet zwaarder worden meegewogen, benadrukken ze.

Best practices
Hun nieuwe model omvat 42 criteria en daarop kan een land scores behalen van 0 tot 10. Tien staat dan voor de wereldwijde best practice op dit moment. Die is dus al ergens op aarde realiteit. En waarom zou dat dan elders – op den duur -  niet ook kunnen?
Met dit model scoren de VS binnen de Westerse landen het hoogst met 6,97, op de voet gevolgd door Zweden met 6,83 en Canada met 6,56. In Azië gaat Maleisië op kop met 7,50 en ook Japan doet het naar verhouding goed met 6,68. De grote Westeuropese landen zitten in de middenmoot en halen amper een zesje. Opmerkelijk is de goede score van Rusland met 6.60.
En Nederland? Nederland is helaas nog niet onder de loep genomen door het team van Waverman. Maar dat moment lijkt niet zo vreselijk ver meer weg.
Reken maar dat we – als het zover is - iets te bespreken zullen hebben met elkaar, hier in de polder!

Zie over dit onderwerp ook het artikel Ontketen de ICT dat ik eerder dit jaar schreef voor het tijdschrift InTune.

Klik hier voor een pdf van de eerste uitgave van de Connectivity Scorecard.

 


Comments




Leave a Reply